|
In 1488 werd te Gent de
St.-Antoniusgilde der haakbusschieters of kolveniers opgericht.
Hun eerste oefenterrein aan de Ekkergemsevest ruilden ze op 9 juli 1532
in voor een nieuw terrein 'ten Vogelenzang'. Hun thuishaven kreeg
vanaf dat jaar de naam Sint-Antoniushof.
Er werden nieuwe gildegebouwen opgetrokken waarin ze in 1641 hun intrek
namen. Op initiatief van enkele Gentenaars, onder wie bisschop Van
Eersel, werd het gebouw in 1777 omgevormd tot armenhospitaal : het
oudmannekenshuys.
Ongetwijfeld bestond er in het Sint-Antoniushof van bij de oprichting
van het bejaardentehuis een kapel. In 1810 werd J.H. Schoorman
benoemd tot pastoor van het hof. Hij liet in 1822 een nieuwe kapel
bouwen, toegewijd aan Sint-Vincentius a Paulo. In 1843 werd hij
opgevolgd door Idesbald Emmanuel Helias d'Huddeghem. Deze werd de
grote weldoener en van de zusters, en van het Sint-Antoniushof.
Hij liet de kapel aankleden: een hoofdaltaar in neobarok met beelden van
Sint-Vincentius a Paulo, Sint Idesbaldus en Sint Jozef (door Jules Van
Biesbroeck), met beelden van Onze Lieve Vrouw en Sint Jan (door Franck)
en liet glasramen plaatse waarin vooral het raam met de afbeelding van
het begijntje Theresia Verhaeghen aandacht verdient. Opvallend
waren verder de monumentale preekstoel uit 1844 met afbeeldingen van de
Heilige Familie, Dint Antonius en Sint-Vincentius a Paulo, en, het orgel
(door Van Denter). In 1911 werd door de Gentse firma Serck naar de
plannen van Modest De Noyette een nieuw doksaal gebouwd en werd het
orgel van Van Denter vervangen door een nieuw instrument.
[Johan Decavele] |